Eenvoud

Eenvoud geeft overzicht. Hoe complexer de materie, hoe lastiger te overzien. Hoe meer regels, hoe meer uitzonderingen. En dat willen we niet.

Ja is ja en nee is nee. Altijd. Voor iedereen.

De huidige digitale wereld bestaat alleen maar uit nullen en eentjes. Lekker makkelijk. Je hebt good guys and bad guys. Prettig.

Mensen modelleren zich steeds meer naar computers en vergeten dat de computer oorspronkelijk is gebouwd als ode aan de mens.

Zonder dat we het merken zijn we andersom gaan denken.

Zo ook VVD kamerlid Van der Steur. Hij deed begin deze maand in Trouw een aantal opvallende uitspraken nadat hem de vraag was gesteld of we in Nederland wel hard (genoeg) straffen. Wat te denken van deze, fascinerende zin. "Het is de crimineel die besluit om een misdrijf te plegen".

11 woorden. Stuk voor stuk keurige en begrijpelijke Nederlandse woorden, zodanig in volgorde gezet zodat het één schitterende zin is. Maar die zin roept vele vragen op.

Ligt aan ieder misdrijf daadwerkelijk een besluit ten grondslag? Bestaat impulsgedrag niet meer? Doen criminelen ook andere dingen dan misdrijven plegen? En is iedereen die een misdrijf pleegt ook een crimineel?

Momenteel sta ik een 13-jarige minderjarige asielzoeker bij die met een afgetrapte snorfiets aan de hand door de politie werd aangehouden. Hij verklaarde desgevraagd op weg te zijn naar zijn pleeggezin; minderjarige asielzoekers hebben immers geen huis. Hij had de snorfiets in een park gevonden, verborgen tussen de bosjes. De jongen wordt verdacht van heling, de snorfiets bleek een paar maanden eerder gestolen te zijn. Hoe ik ook probeer, ik kan de jongen niet zien als crimineel.

VVD-er Ton Elias is volgens eigen zeggen lang geleden veroordeeld wegens rijden onder invloed. Dat is op basis van de Wegenverkeerswet een misdrijf. Maar het gaat mij toch te ver om Elias een crimineel te noemen.

Op 1 oktober 2010 doodde een zoon zijn moeder door haar met een hockeystick minimaal 15 keer te slaan. De moeder had een doodswens en had haar zoon gevraagd het onmogelijke te doen. De rechtbank die de verdachte veroordeelde, sprak niet van crimineel gedrag maar van een daad van een slachtoffer. Een slachtoffer van een buitengewoon complexe gezinssituatie.

Was het allemaal maar niet zo complex.

We bombarderen mensen die de regels niet naleven tot crimineel. We zetten ze achter slot en grendel, net zo lang tot de misdaad is opgelost. Hard, harder, hardst. Zou Van der Steur dat bedoelen?

Welkom in een wereld die overzichtelijk is. Welkom in een wereld die niet bestaat.

Botsing -update-

Een paar dagen geleden schreef ik over de botsende stijlen van het civiele recht en het strafrecht. Als je beide onderdelen van het recht met elkaar vergelijkt, kunnen feiten door afzonderlijke rechters verschillend worden gewaardeerd. De waarheid in het civiele recht kan een volstrekt andere waarheid zijn dan de waarheid in het strafrecht. Zelfs als het om exact dezelfde gebeurtenis gaat die rechters op hun bord krijgen.

De verdachte, eerder door de civiele rechter veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding wegens de diefstal van een sloep, is afgelopen donderdag door de strafrechter vrijgesproken van de diefstal. De rechter vond dat er onvoldoende bewijs voorhanden was voor een veroordeling. De vrijspraak was niet van harte. De rechter sprak in het vonnis letterlijk van tegenzin. "Dat u er wel van alles van wist en misschien ook wel bij betrokken was, dat voel ik aan m'n water, maar ik kan het niet bewijzen." 

Met zijn oordeel gaat de strafrechter voorbij aan het eerdere oordeel van zijn collega uit de civiele kamer. Althans, de strafrechter doet met de kennis uit de civiele zaak niets. Voor omkering van de bewijslast is in het strafrecht geen sprake zodat vrijspraak het enige juiste oordeel kon zijn. Bevredigend voor de rechter of niet.

Een feitelijke gebeurtenis. Twee verschillende uitspraken van rechters. Beide uitspraken zijn waar. Alle rechters die geoordeeld hebben, deden het correct. We noemen dat allemaal recht.

Krom hè?

 

The end of lawyers?

In 2008 verscheen het boek The End of Lawyers? van Richard Susskind. Susskind is hoogleraar in Londen en al jaren een toonaangevende naam als het gaat om de toekomstvisie van Legal Services.

Volgens de schrijver ligt er voor de advocatuur een enorme uitdaging te wachten. De wereld is veranderd en de juridische dienstverleners zullen zich aan de vele maatschappelijke veranderingen moeten aanpassen. Nu al zie je dat er op grote schaal outsourcende activiteiten plaatsvinden van juridisch werk naar bijvoorbeeld India. Als gevolg van technologische ontwikkelingen is het voor clienten steeds eenvoudiger zelf juridische documenten op te stellen. Tel daarbij op de enorme toestroom van juridische dienstverleners zonder meestertitel en duidelijk is dat de juridische wereld aan de vooravond van belangrijke ontwikkelingen staat.

Het recht bestaat niet om juristen een goed belegde boterham te garanderen, maar om de samenleving vorm te geven.

Rethinking the Nature of Legal Services.

Dwars door het boek van Susskind heen loopt de waarschuwing voor te veel conservatisme in de advocatuur. De van oudsher behoudende beroepsgroep mag zich niet langer laven aan het paradijs dat ooit was. Grondige herbezinning is noodzakelijk.

De traditionele rol van advocaten zal veranderen, aldus Susskind.

75a0b95ea3f96ee64c557a66314e0147
De tijd dat juridische kennis één op één door professionals aan niet juridisch geschoolde mensen werd verkocht bestaat niet meer. Als gevolg van technologische ontwikkelingen wordt er tegenwoordig veel meer kennis gedeeld dan vroeger. De wereld is kleiner geworden. Via het internet is het een fluitje van een cent om je ervaringen te delen. Als in theorie iedereen kennis zou delen bestaat er geen enkel juridisch probleem dat nog nooit eerder heeft gespeeld. En van de beschrijving daarvan op websites, blogs of in forums, kan iedere burger vrij kennis nemen. The Long Tail gedachte van Chris Anderson is ook hier toepasbaar.

Bijkomend voordeel is dat veel burgers liever met elkaar praten om tot antwoorden te komen dan een gespecialiseerde advocaat in te schakelen. De drempel van advocatenkantoren is kennelijk nog altijd hoog.

Advocaten die denken dat het allemaal wel meevalt en gewoon blijven doorwerken zoals ze dat decennia lang gewend zijn, zullen van een koude kermis thuiskomen. Ze verliezen steeds meer terrein en het kan niet anders dat ze uiteindelijk zelf de deur van hun statige pand op een triple A locatie en gevestigd op loopafstand van de rechtbank met gebogen rug moeten sluiten. Welcome to the modern world.

Maar er is geen reden voor paniek als je durft mee te bewegen, volgens Susskind. Niet voor niets is er een vraagteken achter de titel van zijn boek geplaatst. De ontwikkelingen zullen tot gevolg hebben dat de miljoenen mensen die nu nog wereldwijd van juridische kennis verstoken zijn, acces to justice zullen krijgen. En toegang tot het recht betekent een andere, intensievere deelname aan de samenleving. 

Advocaten zullen wellicht minder belangrijk worden. Who cares...

Het boek eindigt met een ferme aanklacht tegen de criticasters van Susskind. Deze criticasters, met name te vinden onder de grote Engelse lawfirms, worden als ancient bestempeld.

Only a foolhardy lawyer will fail to embrace change. 

"Politely, it puzzles me profoundly that lawyers who know little about current and future technologies can be so confident about their inapplicability. To be able to claim responsibly that IT will have no or minimal effect of lawyers, as many do, surely requires some considerable depth of insight into what disruptive technologies do and will do in years to come. My purpose in writing my book is precisely to provide that insight."

Laat iedereen, al dan niet ancient, gewaarschuwd zijn.


 

Gehandicaptenparkeerkaart

Mevrouw Hofmeester is 79 jaar, woont alleen en is niet meer zo goed ter been. Ze woont in een klein dorpje in Noord-Holland, ver weg van haar familie. Een rijbewijs heeft ze nooit gehad. 

Het grootste deel van de dag is ze thuis waar de dagelijkse sleur in ieder geval tweemaal per dag doorbroken wordt door de komst van een thuiszorgmedewerkster. 

Mevrouw Hofmeester is al meer dan 40 jaar bevriend met mevrouw Peek. Samen trekken ze er, voor zover de gezondheid dat toelaat, zoveel mogelijk op uit. Samen naar de bibliotheek, de Zaanse Schans, af en toe naar de kerk, boodschappen doen en een paar keer per jaar naar de familie van mevrouw Hofmeester in Limburg. Als mevrouw Peek niet in Gouda zou wonen zouden ze elkaar nog veel vaker zien.

Aangezien mevrouw Hofmeester nauwelijks kan lopen vraagt zij bij haar gemeente een gehandicaptenparkeerkaart voor een passagier aan. In haar straat en in het dorp zijn vaak weinig vrije parkeerplaatsen waardoor het nogal eens voorkomt dat mevrouw Peek de auto met knipperlichten aan, midden op straat zet om haar vriendin in en uit te laden, om te voorkomen dat mevrouw Hofmeester ver moet lopen. Want dat gaat niet meer.

Afgezien van het feit dat beide dames zich hierdoor nogal opgejaagd voelen kan dat tijdelijke parkeergedrag op weinig begrip rekenen. Mensen beklagen zich bij mevrouw Peek of plaatsen een kaart achter haar raam met de tekst “u staat op mijn plaats”.

Nederland wordt steeds asocialer.

De Wegenverkeerswet 1994 geeft in combinatie met de Regeling gehandicaptenparkeerkaart criteria voor de afgifte van gehandicaptenparkeerkaarten. En die criteria zijn niet mals:

a. bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen en van brommobielen, die ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking hebben van langdurige aard, waardoor zij - met de gebruikelijke loophulpmiddelen - in redelijkheid niet in staat zijn zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan een stuk te voet te overbruggen;

b. passagiers van motorvoertuigen op meer dan twee wielen en van brommobielen, die ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking hebben van langdurige aard, waardoor zij - met de gebruikelijke loophulpmiddelen - in redelijkheid niet in staat zijn zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan een stuk te voet te overbruggen en die voor het vervoer van deur tot deur continu afhankelijk zijn van de hulp van de bestuurder;

kunnen voor een gehandicaptenparkeerkaart in aanmerking komen.


Parkeerkaart1

 

Een verplicht geneeskundig onderzoek moet uitsluitsel geven op de vraag of mevrouw Hofmeester een zodanige loopbeperking heeft dat zij een gehandicaptenparkeerkaart kan krijgen.

Het onderzoek wordt uitgevoerd door een arts van de GGD. “Het komt vast goed want de dokter was zo’n aardige man”, aldus mevrouw Hofmeester.

En bovendien, aan de rechterkant van haar lichaam heeft mevrouw Hofmeester nauwelijks nog gevoel. En zij lijdt aan een coördinatiestoornis.

Het kwam niet goed. Weliswaar oordeelt de arts dat mevrouw Hofmeester maar 20 tot 40 meter kan lopen, en dan ook nog uiterst moeizaam. Maar omdat zij voor het vervoer van deur tot deur niet continu afhankelijk is van de hulp van mevrouw Peek, wordt de aanvraag geweigerd.

Het is namelijk best mogelijk dat mevrouw Peek haar vriendin van huis haalt, op de stoep voor haar eigen huis zet, waarna mevrouw Peek de auto ophaalt. Ook als die auto 3 straten verderop geparkeerd staat kan het nooit langer dan een paar minuten duren. Zijn die paar minuten voor mevrouw Hofmeester te veel dan zou zij niet staand voor haar huis maar zittend in bijvoorbeeld een rolstoel kunnen wachten tot het moment dat mevrouw Peek in haar auto komt aanrijden om mevrouw Hofmeester op te pikken. Ziedaar, niet gezegd kan worden dat de aanvraagster continu afhankelijk is van de hulp van haar bestuurster.

Regels zijn nu eenmaal regels. Geen speld tussen te krijgen.

Tegen het afwijzende besluit om een gehandicaptenparkeerkaart te verstrekken diende mevrouw Hofmeester een bezwaarschrift in. Tijdens de mondelinge behandeling daarvan werd de vertegenwoordiger van de gemeente gevraagd wanneer er naar het oordeel van B&W wel sprake is van continu afhankelijk zijn van de hulp van een bestuurder. Iedereen kan toch wel even buiten op de stoep wachten? Desnoods in een rolstoel, zittend op de grond, geleund tegen een boom of muur?

Volgens de vertegenwoordiger van de gemeente dient het criterium ‘continu afhankelijk zijn’ gereserveerd te worden voor mensen die niet alleen kunnen worden gelaten als de auto wordt gehaald of weggezet.

Sinds de behandeling van het bezwaarschrift buig ik het hoofd over de vraag welke mensen dat zijn. Wie kan niet eventjes alleen gelaten worden? Ik zoek voorbeelden van mensen die een gehandicaptenparkeerkaart hebben gekregen omdat zij kennelijk nog geen 2 seconden alleen gelaten kunnen worden. Moet je daarvoor in een coma liggen?

(Als dat het geval is ben je waarschijnlijk niet in staat een gehandicaptenparkeerkaart aan te vragen.)

Ik kom er niet uit en moet denken aan een opmerking van Gerdjan Kipping. Volgens hem zijn regels helemaal geen regels zijn. Regels dienen een doel en kunnen nooit zelf het doel zijn.

The law is like a bow. It is designed to be bent almost indefinitely, but never to be broken.

Binnen enkele weken neemt het college van burgemeester en wethouders een beslissing op het bezwaarschrift van mevrouw Hofmeester. Tot die tijd bladert zij met frisse tegenzin door Wehkampfolders waarin goedkope rolstoelen staan. Je weet immers maar nooit. 

 

Indexering alimentatie

Het prijspeil in Nederland wijzigt jaarlijks. Voor € 100,- kun je in 2010 net iets minder kopen dan in 2009. De omstandigheid dat het leven over het algemeen ieder jaar duurder wordt, behalve waar het gaat om de kosten van vliegtickets,  is ook de reden dat veelal lonen jaarlijks stijgen. En met alimentatiebedragen is dat niet anders.
Media_http1ehulpjurid_mvvez
Alle vastgestelde alimentatiebedragen worden automatisch met een bepaald percentage verhoogd, jaarlijks met ingang van 1 januari. Het gaat hierbij zowel om kinderalimentatie als om partneralimentatie. De minister van justitie stelt jaarlijks het indexeringspercentage vast. Meestal gebeurt dat in de maand november voorafgaand aan het jaar waarop de indexering van kracht wordt. Deze regelgeving is gebaseerd op het Burgerlijk Wetboek, artikel 402a van Boek 1 luidt:
  1. De bij rechterlijke uitspraak of bij overeenkomst vastgestelde bedragen voor levensonderhoud worden jaarlijks van rechtswege gewijzigd met een door Onze Minister van Justitie vast te stellen percentage, dat, behoudens het bepaalde in het derde en vierde lid, overeenkomt met het procentuele verschil tussen het indexcijfer der lonen per 30 september van enig jaar en het overeenkomstige indexcijfer in het voorafgaande jaar.
  2. De wijziging gaat in op 1 januari volgende op de in het eerste lid genoemde datum. De beschikking waarin het percentage is vastgesteld, wordt bekend gemaakt in de Staatscourant (...)
De mensen met een alimentatieverplichting dienen zelf goed in de gaten te houden welk percentage ze met ingang van 1 januari bovenop het oude bedrag moeten zetten om tot het nieuwe bedrag te komen. Op de website van het ministerie van justitie kan de meest recente informatie gevonden worden, maar bijvoorbeeld ook op de site van het LBIO. In onderstaand overzicht zijn de indexeringspercentages van de afgelopen jaren te vinden 2005        1,1% 2006        0,9% 2007        1,8% 2008        2,2% 2009        3,9% 2010        2,3% Meer informatie over het onderwerp 'alimentatie' is te vinden op de website alimentatiewijzer.